Zonder economische logica geen groene logistiek – en geen geloofwaardige Made in Europe

Eurocommissarisvoor Industrie Stéphane Séjourné waarschuwde, samen met meer dan duizendEuropese CEO’s, dat onze industrie onder druk staat door hoge kosten,versnipperde regelgeving en een ongelijk speelveld met de rest van de wereld. Zijnoproep tot Made in Europe klinkt luider dan ooit. Maar die ambitieveronderstelt ook dat Europa de economische voorwaarden creëert om hier teblijven investeren, produceren en innoveren.
Die redeneringwint vandaag ook in Vlaanderen terrein. De Vlaamse regering kondigde hetgrootste ondersteuningsprogramma voor de industrie ooit aan, met miljarden aansteun om duurzame investeringen rendabel te maken. Minister-president MatthiasDiependaele verwoordde het scherp: investeringen worden vandaag uitgesteld,afgesteld of verplaatst omdat de economische haalbaarheid onder druk staat — endat bedreigt onze welvaart. Een conclusie die ook wij delen. Transities komenniet of moeilijk van grond wanneer de businesscase niet rendabel is.
Diezelfdespanning tussen ambitie en haalbaarheid speelt zich vandaag minstens evenscherp af in de transport- en logistieke sector. Vlaanderen wil tegen 2030 debroeikasgasuitstoot in transport met 35 procent verminderen. Dat is eennoodzakelijke doelstelling, die door de sector niet in vraag wordt gesteld.Transportbedrijven willen vergroenen en doen dat ook. Maar net zoals in deindustrie geldt hier een eenvoudige realiteit: investeringen volgen economischelogica, geen intentieverklaringen.
De cijfers makendat duidelijk. In 2025 werden in Vlaanderen 282 elektrische vrachtwagensgeregistreerd, een stijging ten opzichte van eerdere jaren. Dat is geen toeval.Gerichte maatregelen zoals de Ecologiepremie+, de (gedeeltelijke) vrijstellingvan de kilometerheffing en de toelating tot 46 ton voor zero-emissievoertuigenhebben voor het eerst toepassingen mogelijk gemaakt waarin elektrisch transportquasi break-even is met diesel. Waar beleid expliciet inzet op rendabiliteit,volgt de markt.
Maar tegelijkblijven we ver verwijderd van de doelstellingen. In het segment van zwarevrachtwagens boven 16 ton bedraagt het marktaandeel van elektrische voertuigenamper 4 procent (168 vrachtwagens), terwijl Vlaanderen mikt op 27 procent tegen2030. Dat verschil is geen kwestie van mentaliteit of terughoudendheid, maarvan rekensommen die vandaag nog niet kloppen.
De kern blijftde total cost of ownership. Elektrische vrachtwagens zijn aanzienlijkduurder in aankoop dan dieselvoertuigen. Daarbovenop komen investeringen inlaadinfrastructuur, netaansluitingen en operationele beperkingen zoalsactieradius en laadtijd. Voor transportondernemers – vaak kmo’s ofmicro-ondernemingen met bijzonder lage marges – is investeren zonder zicht opminstens TCO-pariteit geen verantwoorde beslissing. Dat is geen conservatisme,maar gezond ondernemerschap.
Precies daaromis het interessant wat Vlaanderen nu voor de industrie doet. Met zogenaamdebijpascontracten wordt daar expliciet erkend dat duurzame installaties vandaagvaak niet rendabel zijn door hoge energie- en CO₂-kosten, en dat tijdelijkeondersteuning nodig is om investeringen los te trekken. Dat is geen breuk methet klimaatbeleid, maar een versterking ervan. Het uitgangspunt is eenvoudig:eerst rendabiliteit, dan versnelling.
Die logicaverdient ook toepassing in transport en logistiek. Als Europa en Vlaanderenstrengere klimaatregels opleggen zonder tegelijk de economische randvoorwaardente creëren om ze haalbaar te maken, dreigt hetzelfde effect als in deindustrie: investeringen worden uitgesteld of verschoven. Dan vergroenen westatistieken, maar verzwakken we tegelijk onze logistieke en industriële basis.Dat is moeilijk te rijmen met de ambitie om meer waardecreatie in Europa tehouden.
Dit is geenpleidooi om transport te ontzien, en evenmin een vraag om ongerichte subsidies.Het is een pleidooi voor beleid dat werkt. Vlaanderen erkent in zijnregeerakkoord dat de totale eigendomskost van emissievrije voertuigen tegen2029 aantrekkelijk moet worden ten opzichte van fossiele alternatieven. Dieintentie vraagt nu om een concreet, stabiel en voorspelbaar traject, met eencombinatie van gerichte investeringssteun en voorspelbare gebruiksvoorwaarden.
Zo blijfttijdelijke aankoopsteun noodzakelijk, zeker voor kwetsbare ondernemingen. Degeplande CO₂-differentiatie in de kilometerheffing kan pas een echte hefboomworden als zero-emissie structureel en significant beloond wordt. Ookenergiebeleid speelt een sleutelrol: zonder betaalbare en voorspelbareelektriciteit voor professioneel laden verschuift de onzekerheid simpelweg vandiesel naar stroom. Regelgevingszekerheid en infrastructuur blijven daarbijrandvoorwaarden.
De logistiekesector is geen randspeler, maar een fundament onder onze economie. Transportverbindt industrie, handel en consument. Als Vlaanderen en Europa hun klimaat-en industrieambities ernstig nemen, dan moet vergroening economisch kloppen.
Zondereconomische logica geen groene logistiek. En zonder werkbare groene logistiekblijft Made in Europe een ambitie zonder realiteitszin.

Wie is TLV?
Heb je nog vragen over de sector of onze diensten en producten? Bel ons, stuur een mailtje of maak een afspraak via de kalender. We helpen je graag verder!


